Op 2 december 2017 om 12 uur is de nieuwe winkel van Emmaus Regenboog aan de Vijzelstraat 1 (voorheen Het Masker) officieel geopend. De stadsdichter van Wageningen, Martijn Adelmund, heeft een speciaal voor deze gelegenheid geschreven gedicht voorgedragen. Tevens was er ondersteuning van Schrijvershart Wageningen. Muzikale omlijsting werd verzorgd door Anneke Rot.

 Bij de opening op 2 december 2017

Deze winkel biedt ruimte aan de kleding op de begane grond, terwijl in de kelder de boeken en platen uitgestald worden. In de huidige winkel aan de Herenstraat 9 ontstaat zo meer ruimte voor meubels en bedden. Op de eerste verdieping zal de oude kledingafdeling gebruikt worden voor de verkoop van speelgoed en allerlei andere uiteenlopende artikelen welke niet in de kleinspulafdeling passen.

          

De winkel is open sinds woensdag 1 november 2017. De openingstijden zijn gelijk aan de winkel aan de Herenstraat 9: woensdag van 10 uur ‘s ochtends tot  2 uur ‘s middags; zaterdag van 12 uur ‘s middags tot 4 uur ‘s middags.

Gedicht voorgedragen door de Stadsdichter

Emmaüsgangers

(een modern Awater)

Op dat moment zag ik een vrouw

Ik denk dat haar naam Elke was
Haar tas van lappen aan elkaar genaaid
deed me haar herkennen.
’t Moest vlak na Pasen zijn geweest.
Het was in ‘n etablissement

Een uitbater van welvaartsresten

waar alles nog de adem draagt
van mensen die ooit zijn geweest
een gat erin, een oor eraf, een vlek,
spullen met persoonlijkheid
een karakter, zo je wilt: een ziel

En op deze plek,
te midden van die schemerlevens

zag ik Elke. Ze hield een koffiepot
omhoog en keurde hem, waarna het zicht
op haar me werd ontnomen,
een stroom van mensen tussen haar en mij.
Buiten schoof een wolk voorbij
en langzaam voor de zomerzon.
Ik riep haar nog, maar niemand
heeft ooit wat ik roep verstaan.

Mijn reis was dusver lang geweest.
door sleetse steden, opgepoetst
waar men zeewier eet
en slechts te zwaaien hoeft
met centen, alles koopt,
behalve dan een reisgenoot.

Nuwaad ik met hordes lege mensen
door de oude welvaartsresten
op zoek naar onze eigenheid.
Karkassen van bankstellen,
door roest en stofbijeengehouden:
langzaam word ik heel.

Elke, waarom kijk je niet?
Zo ging ik in haar spoor
dwalend achter Elke aan,

die als een pop zo drijvend op de stroom
van lijvenlangs al dat spul moest gaan,
het zaaltje uitde trap weer af
en naar buiten in de regen
waar bomen druipen,
plassen silhouetten.

Ik volgde vrijwel ongemerkt
in’t ritme van de pijpenstelen
langs parkeerplaatsen waar
meters blik aan ’t roesten was.
Ik was haar buiten kwijt,
ze was de straathoek omgeslagen.
Enige afstand verder
zag ik net de deur zich sluiten.
Ik volgde haar en ging naar binnen,
maar tevergeefs, ze was verdwenen
tussen karrevrachten kleding,
in lompen opgegaan.

Ik vond op deze plek een boek, beneden

en zag wat daarin stond geschreven.

De tekst vervulde mij.
Nu neem ik Elke’s boodschap met me mee:

‘Het gaat niet om wat is,

maar om wat iets zou kunnen zijn’.

Een gat erin, een oor eraf, een vlek:

Wij zijn de koffiepot,
wij zijn de Emmaüsgangers.

 

Martijn Adelmund
Stadsdichter van Wageningen
Geschreven in ruil voor een koffiezetapparaat, ter gelegenheid van het openen van een Nieuwe vestiging van Emmaus Wageningen.